[ Welkom ] [ Teams ] [ Vrouwen ] [ Organisatie ] [ Clubblad ] [ Gastenboek ] [ Contact ] [ Route ] [ Zoeken ] [ ZVV TV ] [ Bedrijfsvoetbal ] [ G-Jeugd ] [ VCP ]

De roots van Demy de Zeeuw

Demy de Zeeuw (24) is de nieuwe ster van het Nederlandse voetbal. In het AZ van Louis van Gaat is de middenvelder niet meer weg te denken en zelfs in Oranje zorgt hij als controleur voor de nodige balans. De kleine grote Apeldoorner kon op twaalfjarige leeftijd naar Ajax 1 maar koos voor de opleiding van Go Ahead Eagles. Zijn eerste stappen op een voetbalveld zette hij echter bij Zondaghoofdklasser WSV.

TEKST: MARCO TIMMER

Jan van der Lee struint voor Ajax al twintig jaar de jeugdwedstrijden in de regio Oost af, op zoek naar dat ene toptalent dat goed genoeg is voor de vermaarde opleiding in Amsterdam. De 73-jarige Zwollenaar is een van de eerste scouts die Demy Patrick René de Zeeuw als jong ventje over de velden zag dribbelen. Van der Lee wil zichzelf echter niet betitelen als de ontdekker van de stille motor van AZ. ‘Zelfs een leek had kunnen zien dat deze jongen het ver zou schoppen’, zegt Van der Lee. ‘Ik heb hem in de E- en D-jeugd van WSV en in de C-jeugd van AGOVV heel veel leuke dingen met de bal zien doen. Hij was een ontzettend klein mannetje, echt een ukkie met een flinke bos zwart haar. Hij viel toen echt op. Demy was een echte dribbelaar, kon werkelijk alles aan de bal, zijn techniek was uitstekend. En hij had een behoorlijke snelheid op de eerste meters. Wat me verder opviel: hij was een zeer beminnelijke jongen en volgens mij is hij dat nu nog. Demy is uitermate bescheiden, ik heb zelden zo’n aardige, beleefde jongen in het voetbal gezien. Zijn karakter is fantastisch en hij verdient echt een mooie carrière. Ik heb in die jaren een aantal zeer positieve rapporten over hem naar Ajax gestuurd. Hij mocht ook komen, maar ik begreep dat de afstand toch een probleem was.’

Vanaf zijn vakantieadres in Frankrijk herinnert John van de Werd de jaren van Demydemydezeeuw.GIF de Zeeuws bij WSV nog goed. De oud-coach van de Apeldoorners had de huidige AZ-middenvelder in de D-jeugd onder zijn hoede. Hij trainde eerder al onder anderen Peter Bosz, Alfred Schreuder en Hans van Arum. ‘Ik werkte veel volgens de Wiel Coerver-methode’, vertelt Van de Werd. ‘Daarmee was ik een van de weinigen in Apeldoorn, iedereen die ik onder mijn vleugels had was er laaiend enthousiast over. Het is zo jammer dat er later een technisch coördinator bij de club kwam die er niets in zag. Demy vond de oefeningen prachtig, zijn grote vriend was ook de bal. Voor en na trainingen was hij altijd bezig met het oefenen van bepaalde technieken. Zijn vaardigheden zijn in die eerste jaren een stuk beter  geworden Hij had het ook nodig doordat hij altijd kleiner was dan de rest Toch was hij als hij eenmaal binnen de lijnen stond een rakker Hij is gelukkig op een positieve manier steeds brutaler geworden Op een gegeven moment eiste hij zelfs alles op. En als Demy eens een verkeerde bal gaf, dan kon hij echt heel kwaad op zichzelf worden.’ Van de Werd heeft altijd het idee gehad dat De Zeeuw hoog zou kunnen eindigen, maar dat zijn pupil zelfs het Nederlands elftal zou halen had hij niet verwacht. ‘Natuurlijk ben ik trots dat ik een kleine bijdrage aan zijn carrière heb kunnen leveren en ik volg hem nadrukkelijk zegt de Apeldoorner. ‘Ik heb in de eerste Europa Cup-wedstrjd van dit seizoen tegen Paços Ferreira speciaal op hem gelet en ik heb hem slechts op één foute pass kunnen betrappen. Dat is toch ongelooflijk?! Af en toe zie ik hem nog wel eens, dan valt me op dat hij zo sterk is geworden. Ik herinner me dat zijn vader best fanatiek was, maar blijkbaar heeft hem dat de goede richting op geduwd.’

Blikjes, stenen en bekertjes
Tijd om de familie De Zeeuw op te zoeken. De eerste kennismaking met Willem de Zeeuw (47) heeft plaats in zijn scootershop aan de Molenmakershoek, een klein en niet eens zo ongezellig industrieterrein in Apeldoorn. In zijn gele monteursoveraJl — portemonnee in het voorzakje — strakke mutsje en uiteraard vieze handen is hij een niet te missen stoere verschijning. Aan een schijnbare leek legt hij geduldig uit waar hij het brandstofslangetje moet aansluiten. Als we hem naar Demy vragen gaat zijn hart open, maar veel tijd heeft hij niet. Werk is immers werk. Als we een dag later bij de familie De Zeeuw op de stoep staan, zijn we meer dan welkom en worden we zeer gastvrij ontvangen. Voor de woning in de arbeiderswijk in Apeldoorn-Zuid blinkt een zilveren Audi A4, een kado van Demy als dank voor al die jaren goede zorgen. Aan de muur bij de voordeur hangt al jaren hetzelfde grijze naambordje: Willem, Marga, Demy, Mike en Gino, lezen we. Binnen wacht heerlijke koffie en een lik van de kleine Puteri, een Jack Russell met de naam prinses in het Maleis. Van vader Willem horen we dat de eerste jaren in Demy’s leven zeker niet de gemakkelijkste waren. ‘Vanaf zijn vierde jaar heeft hij gelukkig bij mijn huidige ega Marga en mij gewoond’, zegt De Zeeuw, terwijl hij een shaggie aansteekt. ‘Marga had al een zoon, Mike, en later is Gino erbij gekomen.’ De Zeeuw senior voetbalde zelf in Teuge, een dorp tussen Deventer en Apeldoorn, maar hij deed ook aan karate en motorcross. Sinds 2000 heeft hij de scootershop. ‘Toen ze bij een club mochten, waren de kinderen en voetbal ons leven’, zegt de vlotte Marga (42). ‘Vanaf het moment dat de bal in Demy’s leven was, heeft hij hem eigenlijk nooit meer losgelaten. Hij nam de bal letterlijk mee naar bed. Wij zaten beneden en hoorden nog een tijdje boem. boem, boem — van de bal tegen de muur — voordat hij in slaap viel. Demy sprong er vanaf het begin tussenuit.
Hij mocht al met vijf jaar lid worden van WSV, maar ze lieten hem toen nog alleen meetrainen. En vanaf het moment dat hij op zaterdag eindelijk wedstrijden mocht spelen, stond hij ‘s ochtends al om acht uur te trappelen als hij om tien uur moest voetballen. Hij had om de twee maanden nieuwe schoenen nodig, want hij trapte overal tegenaan; blikjes, stenen en bekertjes. Ik was best zenuwachtig voor hem, had er soms maagkrampen van, omdat ik hoopte dat hij geen fouten maakte en ongeschonden van het veld zou komen.’

‘Ik heb altijd veel zelf met ze gevoetbald’, vult vader De Zeeuw aan. ‘We zochten ergens een veldje op of we gingen het bos in. Het ging altijd om plezier maken, wij waren nooit drillerig in tegenstelling tot sommige andere ouders die langs de lijn bij de club stonden. Bij ons ging alles altijd heel spontaan, we houden ervan dingen ruim te zien en er was voor de jongens veel vrijheid. Streng zijn we nooit geweest, we gaven en geven de jongens veel vertrouwen en dat pakt goed uit. Demy was vanaf het begin heel fanatiek, als hij op het veld stond wilde hij absoluut niet verliezen. Het kwam wel eens voor dat ze verloren hadden, maar dan loog hij stiekem dat ze met 4-0 hadden gewonnen. We gingen altijd mee, naar zowel uit- als thuiswedstrijden. Ik haalde de andere jongetjes vaak op en als ze ‘s avonds regiowedstrjden speelden, lagen ze op de terugweg met z’n allen te slapen.’ Terwijl Willem en Marga de groene poef met daarin jeugdfoto’s erbij pakken, vertellen Gino (20) en Mike (22) over hun relatie met hun broer Demy, die altijd schoenen voor ze meeneemt als hij naar huis komt. En ook voor zijn halfzusje Charmaine (14) — die nooit bij de familie De Zeeuw heeft gewoond — is hij altijd goed, vertellen ze. Een dag eerder heeft de AZ-speler nog gezegd dat hij het zo jammer vindt dat zijn jongste broertje, Gino, niet meer op het veld voetbalt. Volgens de international had zijn broer, die een geweldige trap heeft en bij AGOVV en Go Ahead Eagles speelde, het betaalde voetbal gemakkelijk kunnen halen. ‘Maar ik heb niet altijd de kans gehad’, zegt Gino, die nu schildert voor de kost. ‘Ik zie mezelf nu ook niet meer als voetballer, ik zou het niet kunnen opbrengen nog dag in dag uit te trainen. Hoewel het soms wel kriebelt en ik in de zaal speel, mis ik het wereldje niet echt.

     cerryeagles1.JPG
Voor mij is het toch 24 uur toneelspelen als je bij de club bent. En zolang je nog geen speelminuten in het eerste hebt gemaakt, hoor je er eigenlijk niet bij. Wat dat betreft is Demy een uitzondering in de voetballerij, hij blijft gelukkig zichzelf. Vroeger wilde ik als jongste altijd met mijn oudere broers mee, maar dat kon natuurlijk niet altijd. Dan waren ze wel eens bazig en kreeg ik een standje, maar dat hoort er gewoon bij. Maar eigenlijk was Demy vaak te lief. Als zijn vriendjes baldadig waren, deed hij meer voor de vorm mee dan dat hij het echt meende. Ons contact is goed, ik ben supertrots op wat hij allemaal heeft bereikt.’

‘Ik hou meer van racen’, zegt Mike. ‘Wij waren geregeld met brommers en scooters bezig, maar Demy nooit. Bij hem was het altijd: bal, bal, bal. Dat typeert hem wel, hij houdt zich niet bezig met technische dingen, hij sluit volgens mij zijn eigen computer nog niet aan, haha.’
 
Hoewel de kleine Demy het goed deed op basisschool De Sjofar en later nog zijn detailhandeldiploma haalde, was het altijd duidelijk dat hij voor zijn kans als profspeler zou gaan. met gemengde gevoelens denkt De Zeeuw senior terug aan de dag dat er een brief van Ajax op de deurmat lag. junior was twaalf en had een seizoen eerder de overstap van WSV naar AGOVV gemaakt. Zijn eerste club wilde hem nog een jaar in de D-jeugd houden terwijl hij bij De blauwen wel in de Cl kwam. De huidige Eerstedivisionist maar destijds amateurclub had er zelfs een mountainbike voor over, maar die fiets moet de AZ-speler nog krijgen. ‘Toen hij bij AGOVV speelde, zijn we ongeveer veertien keer naar Amsterdam geweest voor selectiewedstrijden, zegt Willem de Zeeuw. ‘Honderden talentjes waren uitgenodigd en steeds vielen er spelertjes af. Uiteindelijk bleef Demy met nog zes anderen over, onder wie Rafael van de Vaart We kregen te maken met Co Adriaanse die destijds hoofd opleiding van Ajax was. Hij wilde Demy in een gastgezin stoppen, maar dat wilde ik niet hebben, ik was veel te blij dat ik de kinderen om me heen had. “Zet hem anders maar op de trein, dan pikken wij hem op”, kreeg ik vervolgens te horen. Toen ik daar ook niet mee instemde, zei Adriaanse “Het is maar net wat je voor je kind overhebt”. Opdat moment was ik gelijk klaar met Ajax, ik heb Demy gepakt en we zijn weggegaan.’

‘Daarna kon hij naar FC Zwolle, Vitesse en Go Ahead Eagles’, vertelt Willem de Zeeuw. ‘We hebben voor Go Ahead gekozen omdat ik wilde dat hij in Apeldoorn naar school ging. Ik heb nooit de kans gehad naar school te gaan en dat wil ik mijn kinderen niet onthouden. We hebben drie fantastisch lieve kinderen en ik ben blij dat we ze alles hebben kunnen geven wat we wilden, dat was bij mij vroeger wel anders. Marga komt uit een groot Moluks gezin met vier broers en drie zusjes, de warmte van een hechte familie hebben ze dus wel meegekregen. En we zijn trots op alledrie. We zullen altijd normaal blijven doen, maar het doet je toch wat als Clarence Seedorf je op de schouders slaat en zegt dat je zoon goed heeft gespeeld.’
 
De keuze viel dus op de vermaarde opleiding van Go Ahead Eagles en een vertegenwoordiger van Makelaardij Bieze hielp de familie een paar jaar later bij het eerste contractje dat Demy de Zeeuw tekende op vliegveld Teuge. ‘Het ging niet om veel geld, maar ik weet nog wel dat hij gratis zijn rij-
bewijs mocht halen’, zegt Willem de Zeeuw. ‘Later hebben we zoveel makelaars over de vloer gehad; ze beloven van alles maar de meesten zijn graaiers. Ik herinner me nog dat Demy tegen me zei: “Pap, het lijken wel pooiers”. Demy is nu een stuk zelfstandiger, maar hij houdt nog af en toe ruggespraak met het thuisfront. Hoewel hij nooit een prater is geweest, vraagt hij wel om advies en sinds hij met Asmara gaat, is hij een stuk opener.’

Woordenwisseling
We traceren Jan Derks in Bulgarije, waar hij als hoofd opleiding werkt voor de topclub Litex Lovech. Eigenlijk moeten we werkte zeggen, want een dag nadat we hem vragen over Demy de Zeeuw hebben gesteld neemt hij ontslag bij de Bulgaarse club. ‘Het was het oude liedje’, zegt Derks. ‘Ik wil voetballers in de opleiding en zij willen grote sterke kerels. Bovendien maak ik hier hetzelfde mee als eerder bij Levski Sofia. De spelers van wie de ouders veel geld hebben, worden eerder opgesteld dan jongens die in principe beter kunnen voetballen.’
 
Voordat Derks via de KNVB in Bulgarije belandde werkte hij voor Glasgow Rangers en daarvôôr bij Go Ahead Eagles. Hij kreeg een Renault Espace van de club. Het hoofd opleiding haalde onder anderen Jan Kromkamp, Demy de Zeeuw, Ugur Yildirim en Jesse Schotman op uit Apeldoorn en bracht ze naar Deventer. ‘Mijn eerste ervaring met Demy was in Veldhoek, waar een regio-team uit Apeldoorn en omstreken tegen een team uit de Achterhoek speelde’, zegt Derks. ‘De helaas veel te vroeg overleden scout Lex van Zeist had altijd een fantastisch gevoel voor talentjes. Hij kwam bij me en zei: “Ik heb nu iemand gezien... Maar ik weet niet zo goed wat ik ermee moet, want hij is nog zo klein”. Demy stond niet in de basis, ik zag hem warmlopen en dacht: Mijn hemel, wat een kleine knietjes. Maar hij viel in en zijn eerste balaanname was voortreffelijk en er volgde een uitstekende pass. We hebben hem meteen vastgelegd.’
 
Nadat De Zeeuw in zijn eerste seizoen in de Ci van Go Ahead Eagles meteen kampioen was geworden, kreeg hij wat problemen in de Bi. Zijn trainer, Wim Woudsma, vond het beter hem vanwege zijn geringe fysiek een seizoen op de bank te houden. Woudsma wilde De Zeeuw beschermen, iets wat hij eerder ook had gedaan met Victor Sikora. ‘En met Resit Schuurman’, zegt Jan Derks. ‘Ik was het niet eens met zijn visie. Vaak kwam het op vrijdag tot een woordenwisseling. “Demy zit er niet bij”, zei hij dan. Demy zit er wél bij, antwoordde ik. Het gaat erom dat we goede spelers afleveren en echte talenten kunnen geen leermomenten missen. Demy was dan wel klein, maar hij kon verschrikkelijk goed voetballen en de beste voetballers moeten altijd spelen.’
 
Het verbaast Derks niet dat Demy de absolute top heeft gehaald. ‘Hoewel hij het in zijn jeugd niet altijd gemakkelijk heeft gehad, viel mij echt op dat hij vastbesloten was in wat hij wilde. Demy was altijd geconcentreerd en had ook echt voetbalkennis, hij wist bijvoorbeeld veel van de tegenstanders. Zijn grootste kwaliteit is dat hij anderen beter laat spelen, hij zorgt voor de balans in een team. Als ik in de kranten kijk en de namen zie van voormalige jeugdspelers van Go Ahead als Jan Kromkamp, Victor Sikora, Demy de Zeeuw, maar ook die van Jesse Schotman, Rogier Wissjnk, Ceriel Oosthout en Ugur Yildirim, dan ben ik best trots. Kromkamp en De Zeeuw hebben die absolute passie die nodig is om de top te halen.’
Bijzonder trapveldje De Maten — het grootste stadsdeel van Apeldoorn — is met elfduizend woningen en dertigduizend inwoners welhaast een stad in een stad. Apeldoorn groeide explosief in de jaren zestig van de vorige eeuw, onder meer door het succes van een grote vestiging van Philips in de Gelderse plaats. Op het Wormense Veld, een 560 hectare groot weilandgebied met 860 boerderijen, werd daarom in 1972 begonnen met de bouw van een nieuwe woonwijk. De laatste huizen werden pas halverwege de jaren tachtig opgeleverd. De wijk ontleent zijn naam aan een Maat. Dat
is een gebied van zon 1,75 hectare, het stuk grond dat op één dag met een handzeis is te maaien. De Maten kenmerkt zich door erg veel groen, aan parken en veldjes om te voetballen is geen gebrek. Maar voor wie er niet bekend is, is het spaghettilabyrint aan wegen één groot drama. Een wel heel bijzonder trapveldje vinden we in de kleersnijdershorst. De speeltoestellen die er nu staan waren er dertien jaar geleden nog niet. Verder stelt het lapje gras dat nauwelijks vijf meter breed en 25 meter lang is niet veel voor. En toch is er iets met dat veldje, want het heeft in een redelijk kort tijdsbestek enkele bijzondere voetballers voortgebracht. We speelden hier vaak met hetzelfde clubje jongens’, zegt Joey Ngarigota. De grote en goedlachse Rotterdammer — hij verhuisde elf jaar geleden naar Apeldoorn — is spits van het Nederlandse futsal-team. Hij speelde inmiddels 61 interlands, waarin hij 24 keer scoorde. Ik leerde Demy in deze buurt kennen, wij woonden op nummer 7 en hij op nummer 23. Demy deed natuurlijk vaak mee, maar ook zijn broertje Gino kon goed ballen. Mijn broertje Reza was van de partij, hij is nu aanvoerder van de Al van FC Zwolle. Ook Rihairo Meulens behoorde tot het groepje, hij komt uit de jeugdopleiding van Vitesse en is nu verhuurd aan AGOVV Apeldoorn. Als je erover nadenkt is het best bijzonder dat er zoveel goede voetballers op zo’n klein stukje grond woonden. En dan vergeet ik nog de Turkse broertjes Burak en Mustafa Tekay, die bij respectievelijk Vitesse en Go Ahead Eagles in de opleiding zitten.’

Binnen, in het huis van zijn moeder en stiefvader, vinden we ontelbare voetbalboeken, tijdschriften en trofeeën van de voetballende broertjes. Ngarigota — zijn vader komt uit Tsjaad — is inmiddels fullprof in de zaal voor FC Blok Carrillon Boys uit Beverwijk. Ngarigota begon echter op hetveld. Hij speelde achtereenvolgens bij ExcelsiOr, AGOVV en WSV uit Apeldoorn. Bij die laatste club maakte hij als spits de opmars van de Derde Klasse naar de Hoofdklasse mee. In vijf seizoenen scoorde ik ongeveer honderd keer’, zegt hij. ‘Demy kwam bij mij kijken en wij gingen natuurlijk naar hem als dat kon. Hier in de straat kon je al zien dat hij echt een heel goede voetballer was. Op de een of andere manier weet hij altijd waar de bal gaat komen, hij staat altijd goed en kan een wedstrijd perfect lezen, zoals dat heet. En hij heeft natuurlijk een fantastisch schot. Tijdens een horecatoernooi schoot hij eens twee keer de bal vanaf de aftrap over de keeper, haha. In die tijd waren we echt alleen met voetballen bezig. Tijdens het spel was hij altijd superfanatiek maar daarbuiten is hij een rustige, bescheiden jongen, echt een goede gast. Pas later gingen we wel eens stappen, in Amsterdam naar de Powerzone of in Rotterdam naar Nighttown. Maar dat was alleen als zijn programma het toeliet.’

Top van de wereld
De twee vrienden hebben nog regelmatig contact. Ngarigota rolt de mauw van zijn rechterarm omhoog en laat een Feyenoord-tatoeage zien. ‘Ik ben geboren in de schaduw van De Kuip, dan moet je wel een echte Feyenoordsupporter zijn. Daarom had ik graag gezien dat Demy bij ons was komen spelen. Als ze met AZ tegen ons spelen, is hij even mijn vriend niet meer, haha. Maar verder is het natuurlijk fantastisch dat hij het zo goed doet. Echt alle jongens uit Apeldoorn met wie hij heeft gevoetbald zijn supertrots op hem. Hij is het voorbeeld voor de nieuwe generatie, helemaal omdat hij zon goed persoon is. Het verbaast me niet dat hij nu in Oranje speelt, ik had alleen verwacht dat hij er iets langer over zou doen. Het is geweldig dat hij in de voorbereiding tegen Internazionale duels uitvocht met Luis Figo en Patrick Vieira Het is ongelooflijk, maar Demy behoort bij de top van de wereld. We zien elkaar gelukkig nog regelmatig, als het kan ga ik naar hem kijken. We hebben eigenlijk nog nooit ruzie gehad. Als je met Demy ruzie wil krijgen, moet je het wel heel bont maken.’


 
Terug
 
ZVV '56 - Apeldoorn © 2007 | RSS | disclaimer | sitemap